
10 dingen waar ik op mijn 40e echt geen energie meer aan verspil
Over ouder worden, minder moeten, mijn steeds kortere lontje voor onzin en de verrassende ontdekking dat ik niet overal meer aan mee hoef te doen.
Ik ben afgelopen maart veertig geworden. Veertig. Een leeftijd waarvan ik vroeger dacht dat je dan ongeveer alles wel op een rijtje zou hebben. Een stabiel leven, een volwassen uitstraling, een duidelijk toekomstplan en vooral heel veel wijsheid. Nou… ik kan je vertellen dat ik gisteren nog naar boven liep en halverwege vergat wat ik ging doen en vervolgens met een wasmand beneden kwam terwijl ik eigenlijk mijn telefoon zocht. Dus die wijsheid laat blijkbaar nog even op zich wachten.
Wat ik wel merk is dat ik steeds minder zin heb in onzin. Niet dat ik ineens zo’n vrouw ben geworden die volledig in balans is, iedere ochtend mediteert en nergens meer door geraakt wordt. Absoluut niet. Ik kan me nog steeds druk maken om de meest achterlijke dingen. Maar ik ben wel selectiever geworden in waar ik mijn energie aan uitgeef. Want die energie is tegenwoordig geen onbeperkt abonnement meer. Het is eerder een prepaid bundel. Op = op. En bijladen duurt soms belachelijk lang.
Dus ik ben eens gaan nadenken over tien dingen waar ik op mijn veertigste steeds minder energie aan wil verspillen. Niet omdat ik ze allemaal perfect onder de knie heb maar omdat ik inmiddels wel weet hoeveel tijd je kwijt kunt zijn aan dingen die uiteindelijk helemaal niks toevoegen.
1. Wat iedereen van mij vindt
Vroeger kon ik werkelijk een complete rechtszaak in mijn hoofd voeren over iets wat iemand tegen me had gezegd. Wat bedoelde ze daarmee? Kwam ik verkeerd over? Had ik anders moeten reageren? Moest ik misschien nog een berichtje sturen om iets recht te zetten? En de andere persoon? Die zat waarschijnlijk gewoon rustig een boterham te eten zonder enig idee dat ze inmiddels hoofdverdachte was in een onderzoek dat zich volledig in mijn hoofd afspeelde.
Tegenwoordig denk ik vaker: laat maar. Niet iedereen hoeft me leuk te vinden. Niet iedereen hoeft mijn humor te begrijpen en niet iedereen hoeft het eens te zijn met mijn keuzes. Ik ben geen klantenservice waar je na afloop een tevredenheidsformulier kunt invullen. Natuurlijk vind ik het nog steeds fijn als mensen positief over me denken. Ik ben ook maar een mens. Maar ik ga mezelf niet meer in allerlei bochten wringen om bij iedereen in de smaak te vallen. Dat is vermoeiend en bovendien anatomisch niet meer verantwoord op mijn leeftijd.
2. Er altijd uit moeten zien alsof ik mijn leven op orde heb
Ik hou van mezelf mooi maken. Geef me een leuke outfit, make-up, een lekker parfum en een goede haardag en ik kan mezelf helemaal geweldig vinden. Daar ga ik ook echt niet mee stoppen omdat ik veertig ben geworden. Maar er zijn ook dagen waarop mijn haar en ik duidelijk niet dezelfde ambities hebben. Ik wil een mooie slag, mijn haar wil een onafhankelijk bestaan. En mijn buik? Die wil blijkbaar altijd op de voorgrond staan. Zelfs als ik haar nadrukkelijk geen hoofdrol heb gegeven.
Soms sta ik voor de spiegel en denk ik: ja hoor, dit is hem. En soms trek ik vijf outfits aan om uiteindelijk weer bij de eerste te eindigen maar dan met een humeur dat inmiddels aanzienlijk minder aantrekkelijk is. Vroeger kon ik daar langer in blijven hangen. Tegenwoordig probeer ik mezelf eraan te herinneren dat ik niet iedere dag een wandelende Pinterestfoto hoef te zijn. Ik mag er leuk uitzien omdat ik dat wil niet omdat de buitenwereld anders misschien denkt dat ik mezelf heb laten gaan. Al blijf ik erbij dat een goede haardag een hoop levensproblemen tijdelijk kan oplossen.
3. Overal bij moeten zijn
Er was een tijd waarin ik het liefst overal bij was. Gezelligheid, muziek, leuke mensen, lekker dansen. En begrijp me niet verkeerd: ik hou daar nog steeds van. Zet de juiste oldschool R&B of hiphop op en ik ben voorlopig niet van plan om stil te blijven zitten. Alleen is er tegenwoordig een klein verschil. Vroeger keek ik vooral naar hoe leuk de avond zou worden. Nu kijk ik ook naar hoe ik me de volgende dag waarschijnlijk voel.
En ineens wordt een uitnodiging een complete kosten-batenanalyse. Hoe laat begint het? Hoe laat zijn we thuis? Moet ik morgen iets? Kan ik zitten? Zijn er fatsoenlijke schoenen bij deze outfit te vinden? Vragen die mijn jongere zelf werkelijk gênant had gevonden. Maar ik hoef niet meer overal bij te zijn om het gevoel te hebben dat ik iets mis. Soms mis ik inderdaad iets. Een leuke avond, een goed feestje, een hilarisch verhaal. En soms mis ik helemaal niks, behalve een slechte nachtrust en een rekening waar ik de volgende ochtend spijt van heb.
Ik vind het tegenwoordig heerlijk om ergens volmondig ja tegen te zeggen. Maar een avond thuis kan minstens zo aantrekkelijk zijn. Vooral als ik mijn beha al uit heb, dan moet een uitnodiging wel van héél goede huize komen.
4. Mijn huis presenteren alsof er niemand woont
Ik hou van een opgeruimd huis. Daar hebben we het inmiddels uitgebreid over gehad. Ik kan oprecht blij worden van een schoon aanrecht, een frisse woonkamer en een kast waarin alles eindelijk op zijn plek ligt. Maar ik woon hier niet alleen. Er wonen nog vier andere mensen en op sommige dagen lijkt het alsof de halve omgeving een sleutel heeft. Met drie groter wordende kinderen krijg je namelijk geen rustiger huishouden. Je krijgt gewoon een andere vorm van chaos, inclusief vrienden die spontaan mee-eten en schoenen waarvan niemand weet wie de eigenaar is. Ik kan het huis ’s ochtends helemaal netjes hebben en tegen de avond lijkt het alsof er een kleine bijeenkomst heeft plaatsgevonden waar ik niet voor was uitgenodigd.
Vroeger kon ik daar behoorlijk van balen. Nu trouwens soms nog steeds. Ik ben niet ineens heilig verklaard. Maar ik probeer minder energie te verspillen aan het idee dat alles er voortdurend perfect uit moet zien. Een huis waarin geleefd wordt ziet er nu eenmaal af en toe uit alsof er geleefd wordt. Al zou het fijn zijn als dat leven zijn eigen glazen naar de keuken bracht.
5. Het getal in mijn kleding
Ik heb inmiddels genoeg verschillende kledingmaten gehad om te weten dat die labels een bijzonder eigen leven leiden. Bij de ene winkel past iets prima en bij de andere vraag ik me af of ze de maten hebben gebaseerd op een compleet andere diersoort. Mijn lichaam is veranderd. Door de jaren heen, door het moederschap en door mijn gezondheid. En ja daar heb ik het op sommige dagen soms moeilijk mee. Vooral wanneer ik iets leuks zie en mijn buik besluit dat zij andere plannen heeft. Dan kan ik best even geïrriteerd voor de spiegel staan. Ik ga hier niet beweren dat ik iedere centimeter van mezelf dagelijks met liefde bewonder. Dat zou een prachtige uitspraak zijn voor op een tegeltje maar niet helemaal de waarheid.
Wat ik wel steeds beter begrijp is dat ik mezelf niet kleiner hoef te maken omdat mijn kledingmaat groter is geworden. Ik mag aan mijn gezondheid werken, willen afvallen en tegelijkertijd gewoon leuke kleding dragen in de maat die ik nu heb. Ik ben tenslotte een vrouw en geen kledinglabel. Al zou ik het wel waarderen als broeken voortaan gewoon eerlijk zijn over hun bedoelingen.

6. Alles goed willen doen
Ik weet niet wie ooit bedacht heeft dat vrouwen overal goed in moeten zijn maar die persoon zou ik graag even willen spreken. Je moet een goede moeder zijn, een leuke partner, je werk goed doen, je huis op orde houden, gezond eten, voldoende bewegen, aandacht hebben voor je vrienden, aan jezelf werken en ondertussen vooral ook een beetje ontspannen blijven. O ja, en vergeet niet te genieten. Ik krijg al stress van het opschrijven.
Jarenlang heb ik behoorlijk veel van mezelf gevraagd. Soms omdat het nodig was maar vaak ook omdat ik vond dat ik alles moest kunnen. En als iets niet lukte lag dat natuurlijk aan mij. Had ik beter moeten plannen. Meer mijn best moeten doen. Nog even door moeten zetten. Inmiddels weet ik dat ‘goed genoeg’ op sommige dagen gewoon fantastisch is. Dat het avondeten niet altijd culinair verantwoord hoeft te zijn, dat de was best een dag kan wachten en dat ik niet iedere situatie perfect hoef aan te pakken.
Dat betekent niet dat ik nergens meer mijn best voor doe. Integendeel. Alleen probeer ik niet meer overal een tien voor te halen terwijl niemand me überhaupt een rapport heeft gegeven.
7. Meteen moeten reageren op ieder bericht
Ik heb een telefoon en geen meldkamer. Dat verschil begint eindelijk tot me door te dringen. Er was een tijd waarin ik sneller het gevoel had dat ik direct moest reageren. Een appje gezien? Dan moet je eigenlijk wel antwoorden. Iemand stelt een vraag? Even tussendoor regelen. Een bericht in een groepsapp? Toch maar kijken want stel je voor dat je iets mist. En voor je het weet ben je de hele dag beschikbaar voor iedereen behalve jezelf.
Tegenwoordig probeer ik mijn telefoon wat vaker gewoon te laten liggen. Niet omdat ik mensen bewust negeer maar omdat ik soms ergens anders mee bezig ben. Of juist helemaal nergens mee bezig wil zijn. En nee, twee blauwe vinkjes zijn geen juridisch bindende overeenkomst waarin staat dat ik binnen vijf minuten moet antwoorden. Al moet ik eerlijk toegeven dat ik zelf soms ook naar die twee vinkjes kijk en denk: hallo, leef je nog? Kijk consequent zijn is ook een ontwikkelpunt.
8. Het leven leiden volgens een planning die iemand anders heeft bedacht
Op je twintigste moet je weten wat je wilt. Op je dertigste moet je een stabiel leven hebben. En op je veertigste moet je blijkbaar ongeveer klaar zijn met zoeken.Wie heeft dat bedacht? Ik ben veertig en ben juist weer nieuwe dingen aan het ontdekken. Ik heb mijn diploma als life coach gehaald, bouw aan Nahoa Coaching, schrijf voor Cherry’s Journey en heb nog genoeg plannen waarvan ik soms zelf niet weet of ze briljant zijn of dat ik gewoon weer te veel vrije tijd in mijn hoofd heb. En ik vind dat eigenlijk heerlijk.
Natuurlijk had ik vroeger bepaalde verwachtingen van hoe mijn leven eruit zou zien. Sommige dingen zijn gelukt andere zijn totaal anders gelopen. Er zijn periodes geweest waarin ik vooral bezig was met overeind blijven laat staan dat ik rustig aan een vijfjarenplan kon werken. Maar waarom zou ik nu moeten denken dat ik te laat ben om iets nieuws te beginnen? Ik heb geen idee wie er precies verantwoordelijk is voor die maatschappelijke tijdlijn maar ik zou graag willen weten waar ik mijn bezwaar kan indienen. Want ik ben nog lang niet klaar met mezelf ontdekken. En blijkbaar ook niet met het bedenken van nieuwe projecten. Mijn gezin zal verheugd zijn.
9. De perfecte moeder proberen te zijn
Mijn kinderen worden groter en daarmee verandert mijn rol als moeder. Waar ik vroeger overal bij betrokken was moet ik tegenwoordig steeds vaker gewoon toekijken hoe ze hun eigen keuzes maken. Dat klinkt prachtig….. Tot je kind een beslissing neemt waar jij zelf ongeveer zeventien vragen over hebt. Dan moet ik mezelf er echt aan herinneren dat ik moeder ben en geen onderzoekscommissie. Ik mag adviseren, meedenken en soms mijn mening geven. Maar ik hoef niet meer alles op te lossen of te voorkomen. En dat is soms lastig. Want je wilt dat het goed met ze gaat. Je wilt ze beschermen tegen fouten, verdriet en teleurstellingen. Alleen werkt het leven helaas niet met een moederlijke afstandsbediening waarmee je op pauze kunt drukken zodra er iets mis dreigt te gaan.
Wat ik steeds meer leer is dat goed moederschap niet betekent dat je alles perfect doet. Soms zeg ik iets verkeerd. Soms reageer ik te snel. Soms had ik beter even mijn mond kunnen houden. Dat laatste komt hier overigens vaker voor dan ik zou willen toegeven. Maar mijn kinderen hebben geen perfecte moeder nodig. Ze hebben een moeder nodig die van ze houdt, naar ze luistert en ook kan toegeven wanneer ze ernaast zit. En blijkbaar af en toe gewoon haar mond houdt…. Ik blijf oefenen.
10. Doen alsof rust iets is wat ik eerst moet verdienen
Deze heeft me misschien wel de meeste tijd gekost. Ik was jarenlang gewend om door te gaan. Er was altijd wel iets wat moest gebeuren, werk, kinderen, huishouden, afspraken, verantwoordelijkheden. En als er eindelijk een rustig moment was kon ik alsnog denken aan alles wat ik eigenlijk nog had moeten doen. Alsof ontspannen pas mocht wanneer de hele wereld op orde was. Nou, succes daarmee…. Want er is altijd wel een wasmand, een mailtje, een kast of een ander probleem dat op aandacht wacht. Als ik moet wachten totdat werkelijk alles af is kan ik waarschijnlijk ergens rond mijn pensioen beginnen met ontspannen.
En zelfs dat is optimistisch. Door alles wat ik de afgelopen jaren heb meegemaakt ben ik anders naar mijn energie gaan kijken. Ik kan niet meer onbeperkt doorgaan en eerlijk gezegd wil ik dat ook niet meer. Rust is voor mij geen beloning na een productieve dag. Het is iets wat ik nodig heb om überhaupt fijne dagen te kunnen hebben. Dat betekent niet dat ik nooit meer druk ben. Ik ben nog steeds iemand die enthousiast wordt van nieuwe ideeën en zichzelf regelmatig vrijwillig extra werk bezorgt. Maar ik probeer beter te voelen wanneer iets leuk is en wanneer ik mezelf weer voorbijloop. Want dat verschil is belangrijk.
En soms betekent goed voor mezelf zorgen gewoon dat ik op de bank blijf zitten terwijl er ergens in huis nog iets ligt wat eigenlijk opgeruimd moet worden. Revolutionair, ik weet het.
Als ik die tien dingen zo teruglees besef ik vooral dat ik niet ineens een compleet ander mens ben geworden. Ik ben nog steeds dezelfde Cherry die graag lacht, veel ideeën heeft, zich soms druk maakt om onzin en af en toe een complete discussie met zichzelf voert. Alleen ben ik minder bereid om mezelf voortdurend voorbij te lopen voor verwachtingen die vaak niet eens van mij zijn.
Ik hoef niet overal bij te zijn, niet altijd mooi te zijn, niet iedereen tevreden te houden en niet iedere dag productief te zijn. En ik hoef ook niet te doen alsof ik op mijn veertigste alles al heb uitgevogeld. Sterker nog ik hoop dat ik over tien jaar weer tien andere dingen kan bedenken waar ik geen energie meer aan verspil. Al vermoed ik dat mijn haar, mijn buik en mijn neiging om overal een project van te maken dan nog steeds regelmatig onderwerp van discussie zal zijn.
Maar goed.. dat zien we dan wel. Voor nu vind ik het eigenlijk al heel wat dat ik steeds vaker kan denken: laat maar. Niet alles verdient mijn aandacht. Niet iedereen verdient mijn energie. En niet iedere mening verdient een reactie. Al moet ik toegeven dat ik over dat laatste soms nog even moet nadenken. Want sommige mensen maken het ook wel héél moeilijk om mijn mond te houden.
Lieve groetjes,
Cherry

